Renault Dauphine

In 1949 startte Renault “project 109” dat tot doel had een auto te ontwerpen die tussen de 4CV en de Fregate gepositioneerd werd. 

Overstuur

Renault ging serieus van start met een gedegen onderzoek. Zo bleek dat  vrouwen de kleur van een auto belangrijker vonden dan het model.

Verder kwam naar voren dat een 4-persoons auto met de motor achterin en een verbruik van circa 1 op 14 wel eens goed verkocht zou kunnen worden. Het verbruik werd gehaald en de goede verkoop ook. De Dauphine had een lange-slagmotor, boring x slag was 58 x 80 mm. Daardoor was het maximum toerental laag. De motor achterin zorgde voor wat overstuur vanwege de gewichtsverdeling van 39% voor en 61% achter.

 

Verkoopsucces

De productie van de auto startte december 1955. De auto werd vanaf het jaar erop meteen verscheept naar de VS en werd meteen een groot succes. Tussen 1957 en 1959 werden 187.000 stuks verkocht. Ook in Duitsland werd de auto goed verkocht, vooral nadat de EEG op 1 januari 1958 van start ging. De Dauphine is de eerste Franse auto die een productieaantal van meer dan 2 miljoen heeft gehaald. De Dauphine werd tot en met 1967 geproduceerd, ondanks dat zijn opvolger, de R4 al vanaf 1961 van de band rolde.

 

Hino Contessa

De Dauphine werd naast het thuisland, geassembleerd in Spanje en België en werd onder licentie geproduceerd in Argentinië, Brazilië, Israël, Mexico en Nieuw Zeeland. In 1961 kwam een luxe versie op de markt met 4 versnellingen; de Ondine. In Italië bouwde Alfa Romeo de Dauphine tussen 1959 en 1964. In tegenstelling tot de Franse Dauphine gebruikte Alfa een 12 Volt-installatie en wel van Magneti Marelli. De auto werd als officiële Alfa Romeo verkocht. In Japan werd de Hino Contessa 900 gebouwd op het platform van de Dauphine, nadat Hino eerder al de 4CV onder licentie bouwde.

 

Gordini en Henney Kilowatt

De Dauphine had een sportieve aanleg gezien de race-successen vanaf 1956. O.a. won de Dauphine de Mille Miglia en de Rally van Monte Carlo. Tevens werd de Rally van Corsica in 1956 gewonnen met twee Belgische dames aan boord. De sportieve versie van de Dauphine; de Gordini werd goed verkocht. De Gordini voegde 10 pk toe aan de standaard 27 pk door o.a. een andere cilinderkop te gebruiken. De acceleratie van 0-100 km/u was daardoor mogelijk in 30 seconden ipv 37. Later bouwde Gordini een 49 pk blok door o.a. een aagepaste cilinderkop, een “snelle” nokkenas en speciale zuigers toe te passen. Topsnelheid circa 145 km/u. Eén van de meest bijzondere Dauphines is de Henney Kilowatt. De volledig elektrische auto had een topsnelheid van 90 km/u en had een maximale actieradius (volgens opgave) van 90 km. Er werden 100 stuks geproduceerd, waarvan er 47 verkocht werden. Enige tijd geleden stond er één op eBay te koop. Het laatste bod was 5900 US Dollar.